Het starten van een Kubota GB13, GB14, GB15, GB16, GB18 of GB20 gaat met de juiste voorgloeitijd altijd vlot — ook in de winter. In dit artikel: de sleutelstanden, de officiële voorgloeitijden per temperatuur, de betekenis van de dashboardlampjes en hoe je de motor beschermt tegen oververhitting en verkeerd gebruik.
Geschikt voor de hele serie: Kubota GB13 (D9/DA5/N), GB14 (B9), GB15 (B9/S), GB16 (K/FK/H), GB18 (K/FK) en GB20 (K/FK).
Het contactslot kent vier standen: uit (motor gestopt, sleutel uitneembaar), aan (rijstand), voorgloeien en starten (veert automatisch terug naar “aan”). Starten doe je zo: zit op de stoel, koppeling in, versnelling en aftakas in neutraal, gashendel iets open. Draai de sleutel naar “voorgloeien”, houd de tijd uit de tabel hieronder aan, en draai door naar “starten”. Laat de startmotor nooit langer dan een seconde of tien onafgebroken draaien; wacht anders even en probeer opnieuw.
| Buitentemperatuur | Voorgloeitijd |
|---|---|
| Boven 0 °C | 2 – 3 seconden |
| 0 tot −5 °C | 5 seconden |
| −5 tot −15 °C | 10 seconden |
Bij een warme motor is voorgloeien niet nodig. Wil de motor bij strenge vorst moeizaam rondtrekken, dan is de olie te dik: het instructieboek adviseert voor de winter 10W-30 in plaats van SAE 30/15W-40 — zie onze olie- en vloeistoffengids.
Met de sleutel op “aan” branden twee controlelampjes van de easy-checker: het laadstroomlampje (accu) en het oliedruklampje. Beide horen te doven zodra de motor draait. Het gloeilampje brandt uitsluitend tijdens het voorgloeien en starten — gloeit het niet, controleer dan eerst de contacten op de gloeibougierail voordat je bougies vervangt. Uitvoeringen met bi-speed turn hebben een extra lampje dat oplicht wanneer het systeem is ingeschakeld.
Blijft het oliedruklampje branden bij draaiende motor: direct afzetten en oliepeil controleren. Blijft het laadstroomlampje branden, dan laadt de dynamo niet — een bekend aandachtspunt op deze generatie, zie de storingengids. In het zekeringkastje zitten zekeringen van 5, 10 en 15 ampère; reserve-exemplaren horen bij de standaarduitrusting.
Komt de naald van de temperatuurmeter in de rode zone, dan nadert het koelwater ± 125 °C. Neem gas terug, laat de motor stationair afkoelen en zoek de oorzaak: koelvloeistofpeil, spanning van de V-snaar (± 7 mm doorbuiging bij 10 kgf) en vervuiling van het radiateurscherm en de grille. Nooit direct afzetten bij oververhitting en nooit de dop van een hete radiateur draaien.
Nog een eigenaardigheid van deze voorkamerdiesels: na lang stationair draaien of een reeks korte koude ritten blijft er vocht en onverbrande brandstof in de demper achter, wat bij de volgende start hardnekkige wit-blauwe rook geeft. De remedie uit het instructieboek is simpel: geef de machine af en toe echt werk zodat de uitlaat goed heet wordt, en vermijd langdurig stationair draaien.
Voor elke werkdag: motorolie- en koelvloeistofpeil, bandenspanning, werking van remmen en verlichting, en even rondom kijken op lekkage. Na de eerste 50 draaiuren (of na aankoop zonder historie) volgt de inrijbeurt met verse motorolie, oliefilter, transmissieolie en hydrauliekfilter — het complete schema staat in het onderhoudsartikel.
Negen van de tien keer zijn het de gloeibougies of hun bedrading. De gloeibougie voor de D905/D1005/D1105-motoren (SKU-55209, € 13,50) is los leverbaar — controleer wel eerst de draadmaat (M10 of M8) van je oude bougie. Draait de startmotor zelf niet lekker meer, dan is er een nieuwe startmotor voor de GB-serie (SKU-129043, € 138,50).