Ga naar inhoud
Terug naar blog

Kniktractor, omkeerbare tractor of minitractor: wat is het verschil?

Een kniktractor, een omkeerbare tractor of een gewone minitractor: wie voor het eerst in de smalspoorwereld van BCS, Ferrari, Pasquali, Antonio Carraro, Valpadana en Goldoni kijkt, ziet vier gelijke wielen, lage machines in felle kleuren en een woud aan typecodes. AR, RS, Dualsteer, SRX, TRX, ISM, ARM, Junior, Micro. Het verschil tussen die types is groter dan het lijkt, en de verkeerde keuze merk je pas op de helling, bij de eerste voorlader of als je een klepelmaaier vooraan wilt hangen.

In deze blog leggen we uit hoe knikbesturing werkt, wat een omkeerbare bestuurdersplaats precies is, waarom veel “kniktractoren” helemaal geen knik hebben, en wanneer een gewone minitractor van Kubota, Iseki of Yanmar de betere keus is. Het is de hub van onze serie over kniktractoren; onderaan vind je de losse blogs over modellen, onderhoud, werktuigen, storingen en winterstalling.

BCS Invictus K300 AR kniktractor ingeknikt in een boomgaardrij

Kniktractor in het kort: een kniktractor is een compacte tractor met vier even grote wielen die niet met de wielen stuurt, maar met een scharnier in het midden van het chassis. De voorste helft met de motor draait ten opzichte van de achterste helft met de bestuurder en de hef. Daardoor volgen de achterwielen exact het spoor van de voorwielen en is de draaicirkel bij een tractor van 25 pk ongeveer 2,3 meter. De bekendste merken zijn BCS, Ferrari, Pasquali, Antonio Carraro (SRX), Valpadana en Goldoni.

Kniktractor: eerst de typecodes ontcijferen

De grootste bron van verwarring zit in de letters achter de modelnaam. Bij de merken van de BCS-groep (BCS, Ferrari en Pasquali) betekent AR “articolato”: een geknikt chassis. RS staat voor “ruote sterzanti”, sturende wielen, dus een star chassis dat met de vooras stuurt. RS betekent níet “reversible”, ook al denken veel kopers dat. DS of Dualsteer combineert beide: een knikpunt én sturende voorwielen, samen goed voor een stuurhoek van zo’n 70 graden. SDT betekent dat de achterwielen iets groter zijn dan de voorwielen. Junior is de instapuitvoering met eenvoudiger hef en minder opties, Micro de extra smalle versie (rond de 95 cm breed) en MT de hooibouwuitvoering met een extra laag zwaartepunt voor steile hellingen.

Bij Antonio Carraro is het anders. Daar is de SRX de knikgestuurde, omkeerbare tractor. De TRX, TTR, Tigre en TGF sturen met de wielen. De TTR 4400 en de Tigre 3200 worden geregeld als kniktractor aangeboden, maar het zijn wielsturende tractoren met een pendelend chassis. Valpadana gebruikt ARM voor de knikversie, ISM voor sturende voorwielen en VRM voor grotere achterwielen; de zwaardere VP-modellen heten IS (omkeerbaar, sturende wielen) of AR. Goldoni noemde de knik SN (snodato) en de wielsturing RS.

Code Merk Betekenis
AR BCS, Ferrari, Pasquali, Valpadana Geknikt chassis (articolato)
RS BCS, Ferrari, Pasquali, Goldoni Star chassis, sturende voorwielen (ruote sterzanti)
DS / Dualsteer BCS, Ferrari, Pasquali Knik plus sturende voorwielen
SDT / VRM BCS-groep / Valpadana Grotere achterwielen
Junior / Micro / MT BCS-groep Instapuitvoering / extra smal / hooibouw op hellingen
SRX Antonio Carraro Knik, omkeerbaar, isodiametrisch
TRX, TTR, Tigre, TGF Antonio Carraro Sturende wielen (TRX en TTR omkeerbaar, TGF laagbouw)
ARM / ISM / IS Valpadana Knik / sturende voorwielen / omkeerbaar met sturende wielen
SN Goldoni Geknikt chassis (snodato)

Kniktractor: hoe knikbesturing werkt

Een kniktractor bestaat uit twee halve chassis die met een centraal scharnier aan elkaar zitten. De motor hangt op het voorste deel, boven of vóór de vooras; de bestuurder, de versnellingsbak en de hef zitten op het achterste deel. Sturen doe je niet met de wielen maar met het hele voorstuk: een of twee hydraulische stuurcilinders in het knikpunt trekken de voorste helft schuin ten opzichte van de achterste. De wielen zelf staan altijd recht in hun as. Daardoor lopen de achterwielen exact in het spoor van de voorwielen, ook in een scherpe bocht. Voor wie tussen bomen of wijnstokken maait is dat het hele verhaal: je hoeft alleen op je voorwielen te letten.

Het scharnier laat de twee helften ook in de lengterichting ten opzichte van elkaar pendelen, bij de meeste merken tot ongeveer 15 graden. Zo blijven alle vier de wielen contact houden op oneffen terrein, zonder een aparte pendelende vooras. De stuurhoek van het knikpunt ligt afhankelijk van model en fabrikant ruwweg tussen de 35 en 45 graden (indicatief).

Wat dat in de praktijk oplevert, zie je aan de draaicirkel van hetzelfde model in twee uitvoeringen. De BCS Invictus K300 en K400 draaien als AR-versie op een cirkel van ongeveer 2,3 meter; dezelfde tractor als RS-versie met sturende wielen heeft 2,7 tot 3 meter nodig, afhankelijk van de banden. Bij de grotere BCS Volcan is het verschil nog duidelijker: 3,2 meter met alleen sturende wielen, 2,7 meter met alleen knik en 2,2 meter met Dualsteer (fabrieksopgaven, indicatief).

Voordelen van de knik

  • Kleinste draaicirkel in zijn klasse, met spoorvolgende achterwielen. Ideaal in smalle rijen en rond obstakels.
  • Laag zwaartepunt en vier gelijke wielen. Een isodiametrische tractor verdeelt zijn gewicht ongeveer 60/40 over voor- en achteras; met een werktuig in de hef wordt dat bijna 50/50. Dat geeft veel tractie en rust op hellingen, zolang je recht omhoog of omlaag rijdt.
  • Compact: de meeste modellen van 25 tot 35 pk zijn nog geen meter breed en wegen rond de 1.000 kilo.

Nadelen van de knik

  • Dwars op de helling verliest een kniktractor stabiliteit zodra hij inknikt. Het zwaartepunt van de voorste helft, met de zware motor, verschuift dan naar de dalzijde. Uit metingen aan smalspoor-kniktractoren blijkt de kanteldrempel bij volledig inknikken merkbaar lager te liggen dan rechtuit (indicatief). Daarom biedt BCS de Dualsteer aan, die de knik op hellingen kan combineren met of vervangen door wielsturing.
  • Zwaar grondwerk zoals ploegen en woelen is niet waar deze machines voor gebouwd zijn; de knik en het lage gewicht zijn daar in het nadeel.
  • Slijtage op het knikpunt. Bussen en pennen in het scharnier krijgen elke stuurbeweging te verwerken, en de hydrauliekslangen lopen over het knikpunt heen. Dat vraagt om smeren en om af en toe een slang vervangen.
  • Prijs en dealernetwerk. Een nieuwe kniktractor van 25 pk kost al snel het dubbele van een vergelijkbare gebruikte Japanse minitractor, en het aantal dealers is kleiner.

Omkeerbare tractor: de bestuurdersplaats draait 180 graden

Omkeerbare Valpadana isodiametrische tractor met maaier op een grasveld

Bij een omkeerbare tractor (in het Italiaans “reversibile”, bij Antonio Carraro “Rev-Guide”) draait de complete bestuurdersmodule om: stoel, stuur, dashboard en de hangende pedalen zitten op een platform dat je in een paar seconden 180 graden draait. Bij oudere modellen zit daar een borgpen op; bij nieuwere gaat het met een hendel. Een omschakelventiel zorgt dat het stuur ook in omgekeerde richting de goede kant op werkt. Daarna rijd je met de hef en de aftakas vóór je in plaats van achter je.

Het doel is simpel: je ziet het werktuig continu. Een klepelmaaier langs een talud, een veegborstel op een bedrijfsterrein, een sneeuwfrees, een hakselaar of een spuit in de boomgaard: alles wat je anders over je schouder in de gaten moet houden, komt recht voor je. Wie de hele dag maait of veegt, houdt daar een nek en een rug aan over. Een hydrostatische transmissie maakt het nog makkelijker, omdat je zonder koppelen en schakelen in beide richtingen traploos rijdt. Bij mechanische bakken zit er meestal een gesynchroniseerde keerkoppeling in, zodat alle versnellingen in beide richtingen beschikbaar zijn.

Belangrijk om te weten: omkeerbaar en knik zijn twee losse eigenschappen. Er bestaan omkeerbare kniktractoren (Ferrari Mizar en Vega AR, BCS Valiant en Vithar AR, Antonio Carraro SRX), omkeerbare tractoren met sturende wielen (Ferrari Vega RS, Carraro TRX en TTR, Valpadana IS) en niet-omkeerbare kniktractoren. In de klasse van 25 tot 35 pk, waar de BCS Invictus, Ferrari Cromo 35 en Pasquali Siena 35 zitten, is de bestuurdersplaats standaard níet omkeerbaar. Omkeerbaar begint in de praktijk bij de 50 pk-modellen zoals de BCS Valiant 60 en de Ferrari Mizar 70, en is bij de 75 pk-modellen (Vega, Vithar, Volcan) standaard of optie. Zoek je dus een omkeerbare machine voor de gemeente of de hovenier, dan zit je vrijwel automatisch bij Antonio Carraro, Valpadana of de zwaardere BCS-groep.

De gewone minitractor: sturende vooras en grote achterwielen

De klassieke minitractor, zoals de Kubota B-serie, de Iseki TX en TU of de Yanmar F-serie, heeft een star chassis, kleine sturende voorwielen, grote achterwielen en een hoger zitplateau. Hij is ontworpen om te trekken en te heffen: het meeste gewicht staat op de achteras, de hef is hoog en de motorkap ligt vrij voor een voorlader. Het zwaartepunt ligt hoger dan bij een isodiametrische tractor en de draaicirkel is groter, maar op vlak land met een voorlader, een kipwagen of een frees is dat zelden een probleem.

Ter vergelijking: een nieuwe Kubota B2-261 van 26 pk heft ongeveer 970 kilo aan de kogels, heeft een hydrauliekpomp van ruim 33 liter per minuut en kost bij de dealer rond de 21.000 euro exclusief btw (indicatief). Een kniktractor van dezelfde 26 pk heft rond de 1.000 kilo, pompt zo’n 16 tot 22 liter per minuut en kost nieuw doorgaans meer. Op de occasionmarkt zijn Japanse minitractoren bovendien in veel grotere aantallen en tegen lagere prijzen te vinden, en de onderdelenvoorziening is breed.

Kniktractor, omkeerbaar of minitractor: de verschillen op een rij

Kniktractor (AR) Isodiametrisch met sturende wielen (RS) Omkeerbare tractor Gewone minitractor
Besturing Knikpunt tussen voor- en achterhelft Sturende voorwielen, star chassis Knik of wielen, bestuurdersplaats draait Sturende vooras
Wielen Vier gelijke wielen Vier gelijke wielen Vier gelijke wielen Klein voor, groot achter
Draaicirkel 25-35 pk Ca. 2,3 m Ca. 2,7-3,0 m Als knik of RS Ca. 2,5-3,5 m (indicatief)
Spoorvolgend Ja Nee Afhankelijk van type Nee
Zwaartepunt Zeer laag Zeer laag Zeer laag Hoger
Helling dwars Let op bij inknikken Goed Afhankelijk van type Matig
Werktuig vooraan zien Nee Nee Ja Nee
Voorlader Beperkt mogelijk Mogelijk Zelden Standaard optie
Zwaar grondwerk Beperkt Beperkt Beperkt Goed
Nieuwprijs 25-35 pk Hoog Hoog Hoog (vanaf ca. 50 pk) Lager, veel occasions

Waarom een kniktractor?

Je kiest een kniktractor om drie redenen: de kleinste draaicirkel in zijn klasse, achterwielen die precies in het spoor van de voorwielen lopen, en een zwaartepunt dat lager ligt dan bij welke gewone minitractor ook. In een boomgaard, wijngaard, kwekerij of kas, waar je elke tien meter om een boom of paal heen moet, scheelt dat per dag uren en beschadigde bomen. Op een helling recht omhoog is een isodiametrische tractor van 1.000 kilo met vierwielaandrijving bovendien opvallend stabiel en trekvast. De keerzijde: een kniktractor is nieuw duurder dan een Japanse minitractor van dezelfde pk, is niet gebouwd voor zwaar grondwerk, verliest stabiliteit als je dwars op een helling inknikt en is minder handig met een voorlader. Wie vooral op vlak land werkt met een voorlader, kipwagen en frees, is met een gewone minitractor goedkoper en beter af. Wie tussen rijen werkt, kiest de knik.

Kniktractor of minitractor: welke past bij jouw werk?

  • Boomgaard, wijngaard, kwekerij, kas en smalle rijen: kniktractor (AR). De spoorvolgende achterwielen en de draaicirkel van ruim twee meter winnen het hier van alles.
  • Hellingen en taluds: isodiametrisch met sturende wielen (RS) of een Dualsteer. Recht op en neer is een knik prima, maar wie veel dwars rijdt kiest liever een star chassis. Voor hooibouw op echt steile hellingen is er de MT-uitvoering.
  • Hovenier, gemeente, bermen, veegwerk, sneeuw: omkeerbare tractor, bij voorkeur hydrostatisch. Werktuig vooraan, zicht erop, en zonder schakelen heen en terug.
  • Vlak land, veehouderij, hobbyboer met voorlader en kipwagen: gewone minitractor. Goedkoper, breder aanbod, voorlader zonder compromissen en genoeg trekkracht voor een frees of een kleine ploeg.
  • Beperkte breedte (paden, kassen, poorten): let op de Micro- en Junior-uitvoeringen van rond de 95 centimeter breed, of een Goldoni Base 20 van 750 kilo.

Wat kun je realistisch met 25 pk? Genoeg voor een klepelmaaier van 1,20 tot 1,40 meter, een frees van ruim een meter, een nevelspuit voor de boomgaard, een kipwagen van een paar ton en een veegmachine. Aan de aftakas houd je van 25 pk motorvermogen doorgaans 20 tot 22 pk over; trekkracht is eerder een kwestie van gewicht en tractie dan van pk’s, en daar scoort een isodiametrische tractor van 1.000 kilo met vierwielaandrijving verrassend goed.

Waar je bij een kniktractor op let bij aankoop

Alle kniktractoren van 25 tot 35 pk uit de BCS-groep draaien op een Kubota-motor: de driecilinder D1105 (1.123 cc, 25 tot 26 pk) in de Invictus K300, Cromo 35 en Siena 35, en de viercilinder V1505 (1.498 cc, 35,6 pk) in de Invictus K400, Cromo K40 en Siena K6.40. Antonio Carraro en Valpadana gebruiken in deze klasse Yanmar-motoren (3TNV76 en 3TNV88), Goldoni koos voor Lombardini. Dat bepaalt direct hoe makkelijk en betaalbaar filters, gloeibougies, waterpompen en pakkingen te krijgen zijn: voor Kubota en Yanmar liggen ze op de plank, voor Lombardini en VM is het aanbod smaller. Kijk verder naar speling in het knikpunt (met een helper aan het stuur voel je die meteen), lekkende stuurcilinders, de staat van de hydrauliekslangen over het knikpunt, en test de omkeerinrichting en de aftakas onder belasting. Meer daarover in de blog over de populairste modellen.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een kniktractor en een omkeerbare tractor?

Een kniktractor stuurt via een scharnier in het chassis; een omkeerbare tractor heeft een bestuurdersplaats (stoel, stuur, pedalen) die 180 graden draait zodat je met het werktuig vóór je werkt. Het zijn twee losse eigenschappen: er bestaan omkeerbare kniktractoren (Ferrari Vega AR, Carraro SRX) en omkeerbare tractoren met sturende wielen (Carraro TTR, Valpadana IS).

Wat betekent RS en AR bij BCS, Ferrari en Pasquali?

AR staat voor articolato: een geknikt chassis. RS staat voor ruote sterzanti: een star chassis met sturende voorwielen. RS betekent dus niet reversible. Dualsteer (DS) combineert knik en sturende voorwielen, SDT heeft grotere achterwielen en Junior is de instapuitvoering.

Is een BCS Invictus of Ferrari Cromo omkeerbaar?

Nee. De BCS Invictus K300 en K400, de Ferrari Cromo 35 en K40 en de Pasquali Siena 35 en K6.40 hebben een vaste bestuurdersplaats. Omkeerbaar begint bij de 50 pk-modellen zoals de BCS Valiant 60 en Ferrari Mizar 70, en bij Antonio Carraro (TTR, TRX, SRX) en Valpadana IS.

Hoe groot is de draaicirkel van een kniktractor?

Een BCS Invictus K300 of K400 draait als knikversie (AR) op ongeveer 2,3 meter; dezelfde tractor met sturende wielen (RS) heeft 2,7 tot 3 meter nodig. Een grotere BCS Volcan met Dualsteer komt op 2,2 meter (fabrieksopgaven, indicatief).

Welke motor zit in een kniktractor van 25 tot 35 pk?

Bij BCS, Ferrari en Pasquali een Kubota D1105 (3 cilinders, 1.123 cc, 25 tot 26 pk) of V1505 (4 cilinders, 1.498 cc, 35,6 pk). Bij Antonio Carraro en Valpadana een Yanmar 3TNV76 of 3TNV88. Bij Goldoni een Lombardini. Filters, gloeibougies en waterpompen voor Kubota en Yanmar zijn gangbare onderdelen.

Minitractor, shovel of minikraan winterklaar maken: de complete checklist voor kleine dieselmotoren
Vorig bericht
Minitractor, shovel of minikraan winterklaar maken: de complete checklist voor kleine dieselmotoren
Volgend bericht
Kniktractor onderhoud: schema, olie en filters voor Kubota D1105/V1505 en Yanmar
Kniktractor onderhoud: schema, olie en filters voor Kubota D1105/V1505 en Yanmar
Menu
Valuta
Hulp nodig?
Neem contact op