| Subtotaal | €72,28 |
|---|---|
| Verzending naar Nederland | €5,95 |
| Totaal | €78,23 |
Wat kun je realistisch aan werktuigen hangen achter een Yanmar RS-240, RS-270, RS-300 of RS-330? In dit artikel behandelen we de driepuntshef, de PTO, de elektrisch bediende hydrauliek en de automatische diepte- en horizontaalregeling (UFO), en vertalen we de pk’s en de gemeten hef- en trekkracht naar concrete werktuigkeuzes.
Geschikt voor de hele serie: Yanmar Forte Rice Special RS-240, RS-270, RS-300 en RS-330 (ook bekend als RS24, RS27, RS30 en RS33), inclusief de R-, S-, J-, U-, V- en Q-uitvoeringen.
De hef is een categorie JIS I-driepuntsophanging met positiecontrole: de stand van de hendel bepaalt de hoogte van het werktuig, en die stand houdt hij vast. Bijzonder aan de RS-serie is de elektrisch aangestuurde snelhef: naast de hendel zit een tuimelschakelaar waarmee je het werktuig op de kopakker in één beweging tot de ingestelde hoogte tilt en weer laat zakken. De hydrauliekpomp levert 21 à 24 l/min bij zo’n 15,3 MPa; het gemeten hefvermogen aan de kogels is circa 1235–1245 kgf. Een daalsnelheidsklep (油圧ストップ/slow return) onder de zitting regelt hoe snel het werktuig zakt — helemaal dichtgedraaid vergrendelt hij het werktuig in de stand, handig bij transport. Checkchains begrenzen de zijdelingse speling van de lower links.
De aftakas (35 mm, JIS) heeft drie toerentallen vooruit en één achteruit — op de RS-240/270 zijn dat 550, 796 en 1270 tpm (achteruit 665), op de RS-300/330 592, 857 en 1367 tpm (achteruit 716). De laagste stand komt overeen met de gangbare “540”-stand van werktuigen: gebruik die voor frezen, klepelmaaiers en andere standaardwerktuigen, en houd het door de werktuigfabrikant voorgeschreven toerental altijd aan. De PTO-achteruitstand is bedoeld voor speciale toepassingen (bijvoorbeeld het leeghalen van een vastgelopen frees) — wees er voorzichtig mee, verkeerd gebruik kan het werktuig beschadigen. Zet de kap op de as als je hem niet gebruikt en vet de splines in.
De U-uitvoering heeft Yanmars UFO-systeem: sensoren op de rotorkap meten continu de werkdiepte en een stelmotor houdt de frees automatisch op de ingestelde diepte én horizontaal, ook op ongelijk land. Dat geeft een strak, egaal freesbeeld zonder dat je zelf hoeft bij te sturen. Houd er als eigenaar rekening mee dat dit systeem afhankelijk is van een soepel lopende sensorkabel en een goed werkende stelmotor; een stroef geworden kabel is een bekend slijtagepunt (zie de storingenblog). De S-uitvoering mist de elektrische werktuigschakelaar en de bijbehorende automatiek — bewust eenvoudig gehouden.
Belangrijk om te begrijpen: het getal op de motorkap is het motorvermogen, maar aan de aftakas houd je daarvan zo’n 90 procent over (gemeten: 18,3 tot 22,3 kW), en de trekkracht aan de trekhaak is nog een ander verhaal — die wordt vooral bepaald door gewicht en grip. Vuistregels per werktuig:
| Werktuig | RS-240 / RS-270 | RS-300 / RS-330 |
|---|---|---|
| Grondfrees | 150 – 170 cm | 170 – 180 cm |
| Klepelmaaier | 135 – 150 cm | 150 – 160 cm |
| Ploeg | 1-schaar, licht 2-schaar | 2-schaar (rister ± 25 cm) |
| Cultivator/combinator | 140 – 160 cm | 160 – 180 cm |
| Kipwagen (met oplooprem) | 1,5 ton | 1,5 – 2 ton |
| Sneeuwschuif / veegmachine | 140 – 150 cm | 150 – 160 cm |
Als referentie: Yanmar leverde de serie af-fabriek met een eigen rotor van 160 cm (RS-240), 170 cm (RS-270/300) of 180 cm (RS-330) — dat is dus de freesmaat waarvoor de fabrikant de machine zelf heeft gedimensioneerd. Voor PTO-werktuigen die veel vermogen vragen (klepelmaaier in zwaar gras, diepe grondbewerking) merk je het verschil tussen 24 en 33 pk duidelijk; voor trekwerk telt vooral het gewicht, en daar zit tussen de 1140 kg van de RS-240 en de 1250 kg van de RS-330 minder verschil dan de typenummers doen vermoeden. Gebruik bij zware getrokken werktuigen frontgewichten — de handleiding schrijft die ook voor om de voorwielen aan de grond te houden.
Koppel aan op vlakke, harde grond: lower links op het werktuig, borgpennen erin, dan de topstang en als laatste de aftakas (motor uit!). Controleer na het aankoppelen of de checkchains de zijdelingse speling begrenzen en of de aftakas bij het heffen nergens aanloopt. En de belangrijkste regel uit de handleiding: start de motor nooit terwijl het lampje “werktuig geheven” brandt — de hef kan dan onverwacht omhoogschieten.