De hydrauliek en aftakas (PTO) maken je Mitsubishi MT14, MT15, MT16, MT17, MT18 of MT20 pas echt veelzijdig. Op deze pagina lees je hoe de positiecontrole en de automatische ploegdiepteregeling werken, welke PTO-toerentallen er zijn, en wat je realistisch met 14,5 tot 20 pk kunt doen.
Geschikt voor de hele serie: Mitsubishi MT14, MT15, MT16, MT17, MT18 en MT20 (2WD en 4WD/D).
De hef werkt met positiecontrole: de hefarmen volgen exact de stand van de bedieningshendel, zodat je een werktuig op een vaste, herhaalbare hoogte of diepte kunt zetten. Met de instelbare aanslag (stopper) leg je een werkdiepte vast die je telkens terugvindt — ideaal voor frezen of maaien op constante hoogte. Duw je de hendel naar voren, dan zakt het werktuig op eigen gewicht; zet je de hendel op een bepaalde stand, dan blijft het werktuig op de bijbehorende hoogte staan.

Naast de positiecontrole heeft de MT-serie een instelbare daalsnelheid: met een hendel bepaal je hoe snel het werktuig zakt. Naar links draaien laat het werktuig sneller dalen, naar rechts langzamer, en helemaal naar rechts vergrendel je de hydrauliek zodat het werktuig blijft staan. Bij wegtransport zet je deze hendel altijd op slot — zo kan een opgeheven werktuig onderweg niet zakken. Voor freeswerk is er bovendien de PAC (automatische ploegdiepteregeling), die de freesdiepte automatisch constant houdt. De zwaardere uitvoeringen waren ook leverbaar als “maicon”-versie met elektronische diepteregeling (MAC).
De aftakas is genormeerd volgens JIS 35 en heeft drie toerentallen: 562, 832 en 1300 rpm. Dankzij die keuze kun je zowel langzaam draaiende werktuigen (zoals een kipper-pomp of een lier) als sneldraaiende (frees, klepelmaaier) op het juiste toerental aandrijven. De MT14 tot en met MT16 hebben een 2-puntsbevestiging voor het werktuig; de MT17, MT18 en MT20 een steviger speciale 3-puntsbevestiging.
Belangrijk om realistisch te blijven: het opgegeven motorvermogen is niet hetzelfde als het vermogen dat aan de aftakas of als trekkracht beschikbaar komt. Een deel gaat verloren in de aandrijflijn, dus aan de PTO houd je in de praktijk wat minder over dan de 14,5–20 pk op papier. Wat betekent dat concreet?
Voor echt ploegwerk op zware klei is de serie niet bedoeld; het zijn lichte, wendbare machines voor onderhoud en lichter grondwerk. Met de juiste werktuigkeuze en de diff-lock voor extra grip haal je er verrassend veel uit.
De spoorbreedte is per model instelbaar door de velgen of wielschijven om te draaien, zodat je de tractor smaller maakt voor tussen rijen of breder voor meer stabiliteit. De exacte instelbereiken staan per model in de handleiding; controleer na het verstellen altijd de toe-in (sporing voor) en stel die zo nodig na.