
Kubota Aste bediening uitgelegd: alle hendels en schakelaars (A-155, A-175, A-195)
De Kubota Aste is oorspronkelijk gemaakt voor de Japanse thuismarkt — en dat betekent dat de originele handleiding in het Japans is, en dat sommige dashboardsymbolen niet direct duidelijk zijn voor een Nederlandse gebruiker. In deze gids loop ik systematisch alle knoppen, hendels en schakelaars van de A-155, A-175 en A-195 door. Hoe start je hem? Wat betekent die oranje lamp? Waarom moet de koppeling erop voordat hij aanspringt? Na deze blog weet je precies hoe je Aste werkt.
Alle informatie in deze gids komt uit de originele Kubota Operator’s Manual. Procedures kunnen licht afwijken tussen uitvoeringen (M, MA, BS, V-Shift (F), K); ik geef de afwijkingen expliciet aan waar relevant.

Dashboard en instrumenten
Het dashboard van de Aste is redelijk overzichtelijk, maar de symbolen volgen de Japanse norm — anders dan je van Europese tractoren gewend bent. Hieronder de belangrijkste:
Meters en gauges
- Toerenteller: geeft het motortoerental aan. Nominaal werktoerental is 2650 tpm (rood gebied erboven).
- Urenteller: telt draaiuren — gebruik deze voor je onderhoudsschema.
- Brandstofmeter: tankinhoud 17 liter (alle modellen).
- Watertemperatuurmeter: naald moet in het middengebied blijven. Komt hij in het rode gebied (boven 125°C), dan is er een probleem — meer daarover verderop.
Waarschuwingslampjes
| Symbool | Betekenis | Wat doen? |
|---|---|---|
| 🔆 Gloeibougie (spiraal) | Voorverwarming actief | Wachten tot het lampje uitgaat vóór starten |
| 🔋 Accu-laad waarschuwing | Dynamo laadt niet | Stop met werken, check dynamo of V-riem |
| 🛢️ Motoroliedruk | Te lage oliedruk | Direct motor uit! Oliepeil controleren |
| ➡️ Richtingaanwijzer | Knippert bij inschakeling | Normaal |
| 🔆 Koplampen (laag/hoog) | Verlichting | Bijstelbaar via combinatieschakelaar |
| Easy-checker lamp | Algemene diagnose | Knippert normaal bij starten; blijft aan = probleem |
Specifiek bij MA-uitvoering
De Monroematic Auto-uitvoering (MA) heeft extra indicatielampjes:
- Monroematic indicator: geeft aan dat automatische horizontaalstelling actief is
- Auto tillage indicator: automatische dieptecontrole voor de frees
- Boom-up indicator: signaleert automatisch heffen van de frees aan de kop van het perceel
Hoofdschakelaar (contactslot)
De contactsleutel heeft vier standen. Ken je deze, dan voorkom je onnodige starterslijtage en defecten.
| Stand | Symbool | Functie |
|---|---|---|
| OFF | ⏸️ | Motor uit, sleutel kan eruit |
| GL | 🔆 Gloeibougie | Voorverwarmen van de verbrandingskamer |
| ON | ▶️ | Contact aan — motor draaiend |
| ST | 🔄 Start | Starter draait (alleen met ingedrukte koppeling) |
Zodra de motor is gestart en je de sleutel loslaat, springt hij automatisch terug naar de ON-stand. Belangrijk: draai de sleutel nooit naar ST terwijl de motor al draait — dat beschadigt de starterbendix onherstelbaar.
Rijbediening — schakelen en sturen
De Aste heeft bij de standaarduitvoering een klassieke mechanische versnellingsbak: 6 voor, 2 achter. Er zijn twee hendels waarmee je schakelt: de hoofdversnellingshendel en de hulp (range) versnellingshendel.
Pedalen
- Gaspedaal: voor vluchtige toerentalwisselingen tijdens rijden.
- Gashendel: voor een vaste, constante gaspositie (handig bij PTO-werk).
- Koppelingspedaal: vrije speling 20–30 mm. Altijd volledig indrukken bij schakelen. Voet niet op het pedaal laten rusten tijdens rijden — dat versleet de koppeling sneller dan je denkt.
- Rempedalen (links en rechts): op de Aste zijn de remmen per achterwiel apart te bedienen. Dat is handig voor scherp draaien in het veld, maar op de openbare weg moet je de pedalen altijd koppelen met de vergrendelplaat. Anders kun je bij noodremming een spin veroorzaken.
- Differentieelslotpedaal: beide achterwielen gelijk aangedreven. Gebruik alleen bij slipgevaar, nooit op de weg en nooit in de bocht.
Schakelen (standaarduitvoering)
Schakelen kan alleen bij volledige stilstand:
- Koppelingspedaal volledig indrukken
- Tractor tot stilstand laten komen
- Hoofdversnellingshendel naar de gewenste versnelling
- Eventueel hulpversnelling (Low / High) kiezen
- Parkeerrem los, koppeling langzaam laten opkomen
Snelhedentabel bij 2650 tpm:
| Hulp | Hoofd | A-155 | A-175 | A-195 |
|---|---|---|---|---|
| Low | 1 | 0,93 km/u | 1,01 km/u | 1,06 km/u |
| Low | 2 | 1,64 km/u | 1,77 km/u | 1,88 km/u |
| Low | 3 | 2,65 km/u | 2,85 km/u | 3,04 km/u |
| High | 1 | 3,96 km/u | 4,27 km/u | 4,54 km/u |
| High | 2 | 6,99 km/u | 7,53 km/u | 8,01 km/u |
| High | 3 | 12,12 km/u | 13,04 km/u | 13,90 km/u |
| Reverse | Low | 1,31 km/u | 1,41 km/u | 1,49 km/u |
| Reverse | High | 5,54 km/u | 5,97 km/u | 6,36 km/u |
V-Shift (F) — hydrostatische uitvoering
Bij de A-175F en A-195F werkt het anders. De V-Shift (F) heeft een hydrostatische traplose transmissie. Je schakelt niet tussen vaste versnellingen maar regelt de snelheid vloeiend met de V-Shift hendel.
Rijden bij V-Shift (F):
- V-Shift hendel in “N" (neutraal)
- Koppeling indrukken, hulpversnelling op Low of High
- Parkeerrem los, koppeling langzaam opkomen
- V-Shift hendel langzaam naar voren — tractor gaat rijden
- Snelheid regel je met dezelfde hendel, zonder koppeling
Belangrijke regels voor V-Shift:
- Altijd eerst naar “N" bij richtingswissel — nooit abrupt van vooruit naar achteruit
- Hulpversnelling (Low/High) kan niet tijdens rijden — eerst stilstand
- Werken op minimaal 1500 tpm voor goede prestaties
- De transmissie en stuurbekrachtiging delen dezelfde hydrauliekolie — daarom is warmdraaien extra belangrijk (zie verderop)
4WD-schakelaar
Alle Aste-modellen zijn standaard vierwielaandrijving, maar de voorwielaandrijving kan in- of uitgeschakeld worden via een hendel rechts van de bestuurder. In de praktijk:
- 4WD aan: op zachte grond, bij ploegen, frezen, of als je door de blubber moet
- 4WD uit: op harde ondergrond en op de weg — bespaart banden en drivelines
Power steering (alleen BS-uitvoering)
De BS-uitvoering heeft stuurbekrachtiging. Een paar dingen om te weten:
- De bekrachtiging werkt alleen bij draaiende motor. Motor uit = zwaar stuur met extra speling, dit is normaal.
- Bij lage toerentallen voelt het stuur iets zwaarder — geen defect.
- Aan volledig slot ga je het “relief valve"-geluid horen (hoog sissen). Niet blijven doorduwen — dat versleet de stuurpomp.
- In de winter: goed warmdraaien voordat je begint te sturen.
Hydrauliek bediening
De hef werkt met positiecontrole. Met één hendel — de control lever rechts naast de stoel — bepaal je de hoogte van je werktuig.
- Hendel naar achter: werktuig omhoog
- Hendel naar voren: werktuig omlaag
- Positie vasthouden: hendel op gewenste positie laten staan
Daalsnelheid regelen
Onder de hefhendel zit een knop waarmee je regelt hoe snel het werktuig daalt. Langzaam dalen is handig bij precisiewerk of bij zware werktuigen; sneller dalen versnelt je werk in lichtere omstandigheden.
Hydrauliek-slot
Onder de stoel zit een hydrauliekslot (lock). Draai deze vast vóór je onderhoudswerk uitvoert met een geheven werktuig — dan kan het werktuig niet spontaan zakken.
MA-uitvoering: auto-dieptecontrole
Bij MA-modellen (Monroematic Auto) is er een aparte schakelaar voor automatische tillage-diepte. Via een voeler op de achter-wiel van de frees houdt de tractor zelfstandig de freesdiepte constant — ideaal op ongelijk terrein.
PTO bediening
De PTO (aftakas) heeft een eigen schakelhendel met vier standen plus neutraal. Het toerental per stand bij 2650 tpm motortoerental:
| Stand | Toerental (tpm) | Toepassing |
|---|---|---|
| 1 | 450 | Zware, langzame werktuigen |
| 2 | 795 | Standaard grondfrezen |
| 3 | 1187 | Fijn frezen, maaien |
| Reverse | 612 | Achterwaarts frezen |
Veiligheidsregels PTO:
- PTO altijd op “Neutraal" bij starten en stoppen
- PTO-shaft cap (beschermkap) op de aftakas zetten als geen werktuig aangesloten
- Nooit in de buurt van een draaiende universele koppeling komen
- Motor volledig stoppen voordat je werktuigen aansluit of afkoppelt
- De universal joint lock pin moet 7 mm of meer uit de groef steken — dat betekent dat hij goed zit vast
De handleiding is hier heel duidelijk over: PTO-ongevallen zijn meestal ernstige verwondingen. Neem deze regels serieus.
Motor starten — stap voor stap
Deze procedure geldt voor alle Aste-modellen. Als je hem koud weet te starten in de winter, heb je niks meer te vrezen.
- Open de brandstofkraan. Zit onder de brandstoftank.
- Alle hendels naar “Neutraal": hoofdversnelling (of V-Shift), hulpversnelling, PTO-hendel.
- Hefhendel naar voren — werktuig laat zakken (of blijft op de grond).
- Gashendel op “midden" — niet op stationair, niet op volgas.
- Sleutel in het contactslot en draai naar GL (voorverwarmen). Wacht tot het gloeilampje uitgaat. Bij buitentemperatuur onder −5°C: nog ~5 seconden doorgaan na uitgaan van het lampje.
- Druk de koppeling volledig in. Zonder ingedrukte koppeling blokkeert een veiligheidsschakelaar het starten.
- Draai naar ST — de starter draait.
- Sleutel loslaten zodra de motor aanslaat. Hij springt automatisch terug naar ON.
- Laat de koppeling langzaam opkomen en laat de motor minimaal 5 minuten stationair warmdraaien.
Start-veiligheidsregels
- Max 10 seconden starten per poging. Daarna 30 seconden wachten voordat je het opnieuw probeert — anders raakt de starter oververhit.
- Nooit starten terwijl je naast de tractor staat. De veiligheidsschakelaars zijn daar niet op berekend; hij kan onverwacht wegrijden.
- Nooit starterterminals kortsluiten om de veiligheidsschakelaars te omzeilen. Serieus gevaarlijk.
- Altijd in de stoel zitten tijdens het starten. Veiligheidsschakelaar onder de stoel activeert pas als iemand zit.
Motor stoppen
Normale stopprocedure
- Gashendel volledig naar voren — motor in stationair toerental
- Koppeling en rem indrukken tot tractor stilstaat
- Hoofdversnelling én hulpversnelling naar “Neutraal"
- Eventueel werktuig laten zakken met de hefhendel
- Parkeerrem vast
- Contactsleutel naar OFF
- Sleutel eruit halen en meenemen
Als de motor niet stopt
Zeldzaam, maar het komt voor — meestal bij een defect magneetventiel. Oplossing:
- Motorkap openen
- Aan de zijkant van de motor zit een engine stop lever
- Duw deze volledig in de richting van de pijl
- Motor stopt binnen enkele seconden
Laat dit daarna controleren — een ontbrekende automatische stop is een veiligheidsrisico.
Warmdraaien en break-in
Dagelijks warmdraaien
Na het starten moet de motor altijd minimaal 5 minuten stationair draaien voordat je belasting geeft. Anders heeft de olie geen tijd gehad om alle lagers te bereiken en kun je seizure (vastlopen) of vroege slijtage veroorzaken.
Voor de V-Shift (F) en BS-uitvoeringen — waar transmissie en stuurbekrachtiging dezelfde hydrauliekolie delen — is warmdraaien extra belangrijk:
| Buitentemperatuur | Warmdraaitijd |
|---|---|
| 0°C en hoger | ~5 minuten |
| Onder 0°C | 10 minuten of meer |
Tip: zet tijdens warmdraaien altijd de parkeerrem vast — anders kan de tractor onverwacht bewegen als hij in versnelling zou blijken te staan.
Break-in (eerste 60 uur)
Als je een gereviseerde motor of een nieuwe Aste hebt, geldt een speciale inrijperiode van ongeveer 60 uur. In deze periode:
- Geen plotseling starten en stoppen
- Geen volgas, geen volle belasting
- Begin nooit met werken voordat de motor op temperatuur is
- Rustig rijden op oneffen terrein en hellingen
Na de eerste 50 draaiuren is er bovendien een verplichte grote onderhoudsbeurt — motorolie, alle filters en transmissie-olie allemaal vervangen. Zie onze blog over het onderhoudsschema voor de volledige lijst.
Bij overhitting of andere alarmen — direct stoppen
Watertemperatuur in het rood
- Stop met werken
- Laat motor ongeveer 5 minuten stationair draaien (NIET direct uit)
- Stop daarna pas de motor
- Wacht minimaal 30 minuten voordat je de radiatordop opent — anders kan kokend water eruit spuiten
- Check: koelvloeistofpeil, radiateurfins (verstopt met insecten/gras?), V-riem (te slap?)
Direct de motor stoppen bij:
- Plotselinge toerentaldaling of ongebruikelijk opjagen
- Abnormaal geluid (tikken, kloppen, schuren)
- Uitlaatrook die plotseling zwart wordt
- Oliedruklampje dat oplicht tijdens werking
In al deze gevallen: motor uit, niet meer starten, oorzaak onderzoeken. Doorrijden met een defect kan een kleine reparatie een volledige revisie maken.
Veiligheidsbeugel (ROPS) en gordel
Bij alle Aste-modellen behalve de K-uitvoering is er een ROPS-beugel achter de stoel. Deze beschermt bij omvallen. Een paar harde regels:
- ROPS altijd in opgestelde positie, tenzij je onder lage obstakels moet (schuurdeur, kas) — dan mag hij inklappen
- ROPS omhoog = gordel om. Gordel en veiligheidsbeugel werken samen als beschermingssysteem
- ROPS ingeklapt = gordel NIET om. Als je omvalt met ingeklapte ROPS, werkt de beugel niet, en dan houdt de gordel je juist vast op een positie die dodelijk kan zijn
- Knob bolt altijd goed vastdraaien na opzetten — anders breekt hij
- Nooit modificeren, nooit lassen aan de ROPS. Beschadigd = vervangen
Snel overzicht: belangrijkste do’s en don’ts
| ✅ Wel doen | ❌ Nooit doen |
|---|---|
| Koppeling indrukken bij starten | Sleutel naar ST draaien met draaiende motor |
| Gordel om als ROPS omhoog is | Differentieelslot gebruiken op de weg |
| 5 min warmdraaien voor belasting | Voet op koppelingspedaal laten rusten |
| PTO op “N" bij starten/stoppen | Radiatordop openen bij warme motor |
| Rempedalen koppelen op de weg | Schakelen zonder volledige stilstand (standaarduitvoering) |
| Stationair lopen bij overhitting (niet direct uit) | Starter langer dan 10 sec achter elkaar draaien |